Ouvrage Fermont

De oorlogsdagen in Fermont Oorlogsdagen 10 mei t/m 15 mei
De oorlogsdagen in Fermont Oorlogsdagen 16 mei t/m 24 mei
De oorlogsdagen in Fermont Oorlogsdagen 25 mei t/m 14 juni
De oorlogsdagen in Fermont Oorlogsdagen 15 juni t/m 17 juni
De oorlogsdagen in Fermont Oorlogsdagen 20 juni
De oorlogsdagen in Fermont Oorlogsdagen 21 juni
De oorlogsdagen in Fermont Oorlogsdagen 22 juni t/m 24 juni
De oorlogsdagen in Fermont Oorlogsdagen 25 juni t/m 2 juli
Terug naar beginpagina Home
Oorlogsdagen in Fermont - 15 juni t/m 17 juni 1940


15 juni 1940

Op 15 juni begon operatie Kleiner Bär. Met een grote overmacht staken de Duitsers op een aantal plaatsen de Rijn over. Aan Franse zijde stonden 15.000 man klaar om 100.000 man Duitse troepen tegen te houden. Deze strijd was bij voorbaat verloren.
In de sector Crusnes werd het verdeelstation Xivry-Circourt ingenomen en werd de stroomtoevoer naar de ouvrages afgesneden. In Fermont werden de motoren gestart om het ouvrage van stroom te voorzien, een situatie die zou duren tot aan de overgave.

16 juni 1940

Die dag viel de Franse regering en Paul Reynaud, de eerste minister, werd vervangen door maarschalk Pétain, die op dat moment de Franse ambassadeur in Madrid was. Hij was teruggeroepen naar Frankrijk om orde op zaken te stellen. Men hoopte dat hij op de leeftijd van 84 jaar een nederlaag van Frankrijk kon voorkomen.
In de sector Crusnes heerste een gespannen rust. De vijand zat rondom, maar waar en hoeveel en wanneer zou hij aanvallen? Alle waarnemers van de ouvrages en kazematten waren op hun hoede en speurden continu de omgeving af. De gespannen sfeer leidde tot soms tot hallucinaties. Om 04:30 uur werden er bij Bréhain, niet ver van de ingangen en op de militaire weg, tanks gesignaleerd. Er volgde een artilleriebeschieting die alleen de vegetatie beschadigde. Van de aanwezigheid van tanks was namelijk geen enkele sprake.
In de loop van de dag maakte de 183e ID plaats voor de 162e ID; de Duitse troepenbewegingen zorgden voor het nodige artillerievuur van Fermont. Via de radio meldden de Duitsers dat ze onderhandelaars naar een ontmoetingspunt zouden sturen. De onderhandelaars eisten de overgave van de Maginotlinie in de sector Crusnes. Er werd een ultimatum gesteld; als de commandanten van de ouvrages hier niet op reageerden, zou een aanval volgen. Het Franse antwoord laat zich raden!!
De Duitse patrouilles signaleerden overal de afwezigheid van veldtroepen. Zij konden nu 's nachts ongehinderd tot aan de prikkeldraadversperringen van de kazematten geraken zonder gestoord te worden. De Maginotlinie leek rijp voor een verovering.

17 juni 1940
Maarschalk Pétain tijdens een toespraak

Op deze dag hield Pétain een radiotoespraak, waarin hij opriep om de nutteloze strijd te staken en aan te sturen op onderhandelingen voor een wapenstilstand met Duitsland. Een dag later reageerde Generaal de Gaulle, die uitgeweken was naar Londen, met een oproep om de strijd voort te zetten. Hij zei o.a. "Frankrijk heeft een veldslag verloren, maar niet de oorlog "
Rond 04:30 uur in de vroege morgen meldden de blokken 1 en 2 van Ouvrage Fermont dat er mitrailleurvuur was op de GFM koepels. Zaten de Duitsers zo dichtbij? En hoe kwamen ze ongezien op een positie om van daaruit te vuren? Zeer zeker was de melding te wijten aan de enorme spanning waaronder de bemanning van Fermont leefde.
Om 7:00 uur was er sprake van een veel ernstiger incident. Er was brand uitgebroken in de elektriciteitscentrale. Als die brand zich verder zou gaan uitbreiden, kon dat tot gevolg hebben dat het ouvrage ontruimd moest worden. Hoe kon dit gebeuren?
Sinds 16 juni 04:30 uur draaiden de motoren en generatoren in de centrale. Door de Duitse omsingeling was er geen stroomaanvoer meer mogelijk. De uitlaatgassen van de motoren werden opgevangen in een gemetselde kamer, van waaruit een metalen buis de rookgassen via de Manschappeningang naar buiten afvoerde. Door scheuren in het metselwerk verspreidde het uitlaatgas zich in de centrale en de galerijen. Om verder problemen te voorkomen, moest een metalen kamer aangesloten worden op de uitlaatpijpen. Nauwelijks was men begonnen met de laswerkzaamheden toen er brand ontstond. De sapeurs handelden volgens de voorschriften en riepen: “Brand, Brand”. Het water in een door platen afgedekt riool bevatte olie en vetten. Het stromende water voerde deze af. Er was een redelijk hoge temperatuur omdat de aerorefroidisseur nog niet werkte. Daar er geen officieel onderzoek en dus geen rapport bestaat, zijn er verschillende versies van de oorzaak aan te wijzen.

  • Bedrijfsongeval? Niet erg voor de hand liggend. Men is zich toch wel bewust van onveilige situatie?
  • Sabotage? Kan goed mogelijk zijn. Verschillende gebeurtenissen wijzen hierop.

De situatie was in ieder geval gevaarlijk. Een grote brand in de centrale zou leiden tot de uitval van de motoren; als er geen stroom meer was, kon Fermont niet meer functioneren. Alle veiligheidsmaatregelen traden in werking. De branddeuren van de ruimte met de dieselolietanks werden gesloten en de brand werd bestreden met zand, maar al spoedig moest er zand gehaald worden van Munitie-ingang en zelfs uit het grote munitiemgazijn. Er hing een vette zware rook in de centrale en de omliggende ruimten. Het personeel droeg gasmaskers, maar de glazen waren snel bedekt met vettigheid. Men probeerde de brand met water te blussen, wat niet helemaal voor de hand liggend is, maar bij gebrek aan beter de enige oplossing. Helaas pasten de koppelingen van de slangen niet op de brandkranen. Weer sabotage? Nee, een slorigheid uit vredestijd, omdat men nooit een brandoefening had gehouden. De dichtstbijzijnde brandslangen lagen in Blok 1, maar heen en weer kostte 15 minuten. Gelukkig had het zand de vuurhaard vuur kunnen doven, maar er hing overal nog steeds een vette walm veroorzaakt door verbrande olie en gesmolten teer. Er werd een gat gemaakt in de buis voor de afgewerkte lucht, maar dat hielp niet veel. Een luitenant kwam op het gelukkige idee om de ventilatoren die lucht aanzogen van buiten en zo de rook verder in het ouvrage verspreidden om te schakelen, zodat de lucht uit het ouvrage via de hoofdgalerij en de gevechtsblokken naar buiten werd afgevoerd. In blok 3 stonk het hevig naar dieselolie en zwarte vlokken dwarrelden op de kaarten. Gewonden waren er niet gevallen; één sapeur moest met zuurstof behandeld worden omdat hij rook had ingeademd.

Waren nu alle problemen eindelijk opgelost en kon de bemanning zich concentreren op de lopende zaken? Helaas niet.... De hele morgen had een Duits 88 mm kanon geschoten op de wand van blok 4 tussen het 1e en 2e stuk. Na ongeveer 160 schoten werd om 12:30 uur de wand doorboord. Ondanks al hun pogingen konden de artilleriewaarnemers het kanon niet localiseren. Een aantal schoten van blok 1 op mogelijke opstellingen hadden geen effect. Achter de stukken in blok 4 bevonden zich enkele kasten met munitie, die elk moment kon ontploffen. Er waren nog geen slachtoffers gevallen, omdat de verdieping ontruimd was. Alleen de ordertelegraaf was vernield. Er zat een gat van ongeveer 80 cm diameter in de muur, die ter plaatse 1,75m dik is, waardoor het daglicht naar binnen kwam. De Duitse artilleristen waren niet op de hoogte van de schade die ze hadden aangericht. Dit kwam door het slechte zicht en de zwarte rook van de brand, zodat een goede observatie niet mogelijk was. In de loop van de middag kwam er een wat vreemde boodschap van de commandant van het ouvrage Latiremont: "in geval van een evacuatie van ouvrage en kazematten alle materieel vernielen. Alleen meenemen wat noodzakelijk is bij een aftocht (levensmiddelen en lichte wapens)." Als antwoord meldde kapitein Aubert aan de ouvrages Latiremont en Bréhain dat Blok 4 buiten dienst was en rond 16:00 uur weer gevechtsklaar zou zijn. Voor het gat was een muur van zandzakken gemaakt. Er werd een kwartier lang geschoten, maar omdat er geen overdruk was, ging dat erg moeizaam. Ook de kanonniers voelden zich met een gat in de wand niet op hun gemak. Tussen 16:30 uur en 20:00 uur werd er buiten gewerkt zodat er van binnenuit beton gestort kon worden om het gat te dichten. Ook werd pantserplaat in het gat gezet. Omdat de Duitsers nog sporadisch op blok 4 vuurden, moest de ploeg zich herhaaldelijk via de nooduitgang in veiligheid stellen. Om half twaalf 's avonds was de bres gedicht; Blok 4 was gered en weer gevechtsklaar.

Bij het kleine ouvrage Ferme Chappy bleef het vrij rustig. Wel opende het 47mm anti-tankkanon van blok 1 het vuur op een blockhaus. Onduidelijk is of het ging om een preventieve actie of het beantwoorden van Duits vuur. Het korvee dat de vuilnis via de uitgang van blok 1 naar buiten bracht, werd verrast door schoten vanaf de boerderij; de groep was snel weer binnen. Blok 6 van Latiremont kwam tussenbeide, maar het bleef verder rustig. Om 22:00 uur klonk er lawaai uit de diamantgracht van blok 1. Waren daar dan Duitsers? Een handgranaat maakte een einde aan het geluid. Toen de bemanning na de wapenstilstand weer buiten kwam, ontdekte men op 26 juni dat het ging om een haas die naar beneden was gevallen.


oorlogsdagen in Fermont 25 mei 1940 t/m 14 juni 1940 schrijf eens wat in het gastenboek home (terug naar de startpagina) stuur een email oorlogsdagen in Fermont 20 juni 1940

Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op woensdag 18 augustus 2021